U bevindt zich hier: Home » Plagen

Plagen

Bladluizen

Lees verder

Bladluizen (Aphidoidea) zijn kleine plantenetende insecten, die zich met stekende en zuigende monddelen (stiletten) passief voeden met sappen uit het floëem (net als een aantal verwante superfamilies, zoals 'witte vlieg' bijvoorbeeld superfamilie Aleurodidae). Het floëemsap stroomt door de zeefvaten en staat onder hoge druk. Het wordt door de plant in het voedselkanaal van de bladluis geperst zodra de stiletten een floëemvat aanprikken.

Products

Dopluizen

Lees verder

De wollige dopluis is een benaming voor een aantal soorten bladluizen uit de familie Coccidea of dopluizen die weer tot de schildluizen behoren. Een andere benaming is pulvinale dopluis, het betreft soorten uit het geslacht Pulvinaria. De wollige dopluis valt op door de witte, wasachtige eierzakken die de luis in de zomer achterlaat op bladeren of takken. De rest van het jaar is de luis vrijwel onzichtbaar omdat de luis bruin van kleur is, heel erg plat en zich stevig vastmaakt aan de tak waar hij op leeft. De luizen zijn te zien als kleine, bruine 'plaatsjes'. De schade bestaat uit ontsierende plekken op planten en een groeiachterstand doordat de luizen het sap van de planten zuigen. De wollige dopluis vormt slechts één generatie per jaar, maar elke luis kan voor ongeveer 1000 nakomelingen zorgen.

Products

Kakkerlakken

Lees verder

De kakkerlakken (Blattodea) vormen een orde van de insecten, die oppervlakkig enigszins lijken op kevers maar hiervan toch sterk verschillen, onder andere door het ontbreken van een volledige gedaanteverwisseling. Bidsprinkhanen en termieten zijn sterker verwant aan de kakkerlakken dan andere insectenorden. Deze drie groepen behoren tot de superorde Dictyoptera. Er zijn 4690 soorten kakkerlakken beschreven, waarvan er slechts een twintigtal wel eens als plaag kunnen voorkomen.

Products

Mijten

Lees verder

Kenmerken: Kleur is afhankelijk van het gewas, variërend van oranje, licht-geel, rood, bruin, wanneer er veel spint op een plant aanwezig is, is er vaak spinsel te vinden, meest in de koppen van de plant, zeer polyfaag, snelle populatieontwikkeling bij hoge temperaturen en lage luchtvochtigheid, bij grote spintaantasting wordt het blad necrotisch, gaan in diapause bij ongunstige omstandigheden (korte dag, dalende temperatuur, minder voedsel); diapausespint is rood van kleur, volwassen mijten hebben 2 donkere vlekken op hun flanken

Products

Schildluizen

Lees verder

Schildluizen [Diaspididae] vormen een familie en behoren tot de Coccoidea. Er bestaan naar schatting 7000 soorten schildluizen. Alle schildluizen parasiteren op planten, door het sap op te zuigen. Veel schildluizen hebben een pantser op de rug, en lijmen zich vast aan de plant om de kwetsbare buikzijde te beschermen. Andere soorten, zoals de wolluizen, produceren een was-achtige afscheiding op de rug ter bescherming tegen vijanden. Deze wol-achtige afscheiding beschermt tevens tegen koude, waardoor de wolluizen in wat koelere streken kunnen overleven. Schildluizen variëren in lengte van 1 à 2 tot 5 millimeter. Veel soorten zijn zeer plat en nauwelijks waar te nemen, andere soorten imiteren vergroeiingen of onderdelen als knoppen van een plant en zijn groter maar toch moeilijker waar te nemen door hun camouflage. bron: http://nl.wikipedia.org/wiki/Schildluizen

Products

Spintmijten

Lees verder

Een veelvoorkomende soort is de bonenspintmijt (Tetranychus urticae) of rode spintmijt, die niet alleen sperziebonen aantast, maar o.a. ook paprika, komkommer, aardbei, appel, passiebloem, peer en pruim. Op het blad verschijnen op de bovenkant stipvormige vlekjes. Op de onderkant zitten de zeer kleine spinachtige beestjes, die in het floeem van de bladeren zuigen. Bij een ernstige aantasting vallen de bladeren af en worden de spinseldraden duidelijk zichtbaar. De volwassen mijten zijn 0,5 mm groot. In de zomer zijn ze lichtgeel tot donkergroen of soms rood met op de zijkanten twee donkere vlekjes. De oranjerode, bevruchte, overwinterende vrouwtjes zitten op afgevallen blad, in schorsspleten en in de grond. Een vrouwtje legt ongeveer 80 eitjes. In een seizoen treden 6 tot 8 generaties op. Uit een eitje komt een larve, die zich via vervellingen ontwikkelt tot een volwassen spintmijt. Bij 20°C duurt de totale cyclus van ei tot adult ongeveer 17 dagen en bij 30°C 7 dagen. Bij 12°C staat de ontwikkeling stil. Invloed op het moment van het ingaan van de overwintering hebben: vanaf eind augustus de kortere dagen, een dalende temperatuur en afname en achteruitgang van de kwaliteit van het voedsel. Tussen de plantenrassen bestaan er verschillen in gevoeligheid. Bij aardbei bijvoorbeeld is 'Karina' veel gevoeliger dan 'Lambada'. Spint kan chemisch bestreden worden door gebruik van bestrijdingsmiddelen of biologisch met behulp van roofmijten. De bekendste roofmijten zijn Amblyseius californicus en Phytoseiulus persimilis. Ook komen er van nature roofmijten voor, waarvan de bekendste zijn Amblyseius soorten en Phytoseius soorten. Andere natuurlijke vijanden zijn soorten roofwantsen van de geslachten Orius en Anthocoris, de galmug Therodiplosis persicae en het kevertje Stethorus punctillum. Bron : http://nl.wikipedia.org/wiki/Spint_(mijt)

Products

Witte Vlieg

Lees verder

Products

Wolluizen

Lees verder

Wolluis is de naam van insecten uit de familie Pseudococcidae. De vrouwtjes beschikken in tegenstelling tot andere soorten schildluizen niet over een gepantserde rug. Wolluizen produceren een was-achtige afscheiding op de rug ter bescherming tegen vijanden. Deze wol-achtige afscheiding beschermt tevens tegen koude, waardoor de wolluizen in wat koelere streken kunnen overleven.

Products